geneeskruiden    

Rhazes 900   
rhazes3 Eén van de grootste moslimartsen was Abu Bakr Bin Zakariya Rhazes.  Rhazes. (865-932) Voor de farmacie zijn van belang zijn beschrijvingen van de apparatuur. Hij beveelt soms chemische preparaten aan en verspreidde het gebruik van kwikzalf tegen huidziekten. Hij was tot diep in de 17de eeuw de absolute autoriteit op het gebied van de geneeskunde  In een rapport van de Wereldgezondheidsorganisatie uit mei 1970 staat dat zijn essays over pokken en mazelen zeer origineel en accuraat zijn en dat zijn essay over besmettelijke ziekten het eerste in zijn soort was. Hij was geboren in 864 en heeft een enorm boekwerk geschreven, "Al-Hawi", bestaande uit 20 delen, dat later in 1279 in het Latijn vertaald is en herhaaldelijk herdrukt vanaf 1488 . Zijn invloed op de Europese geneeskunde is dus aanzienlijk.           rhazes2

Rhazes heette eigenlijk  Aboe Bakr Moehammad ibn Zakarijja al-Razi (865-925), Perzisch arts, alchemist en atomistisch wijsgeer
 Rhazes (ca. 860-925) breidde de theorie van zwavel en kwik uit, door er zout aan toe te voegen.  Zijn beroemdste uitspraak was: 'Wie de scheikunde niet kent, verdient de naam filosoof niet.''

Toelichting:
De grootste vrijdenker van de hele islam was misschien Abu Bakr Muhammad b. Zakariya al-Razi (865-952), in het middeleeuwse Europa bekend als Rhazes (ook Razis of Chaucer), waar zijn prestige en autoriteit tot aan de 17e eeuw onaangetast bleef. Meyerhof noemt hem ook de 'grootste arts van de islamitische wereld en een van de grootste artsen aller tijden'; terwijl hij voor Gabrieli de grootste rationalistische 'agnost' van de middeleeuwen was, zowel in Europa als in het oosten. Al-Razi kwam oorspronkelijk uit Rayy (bij Teheran), waar hij wiskunde, filosofie, astronomie, literatuur en misschien ook alchemie studeerde. Het is mogelijk dat Al- Razi studeerde bij een vage figuur, de vrijdenker Eranshahri, die, volgens al-Biruni, 'in geen enkele van de op dat moment bestaande godsdiensten geloofde, maar hij was de enige die geloofde in een godsdienst die hij zelf had verzonnen, en die hij probeerde te verspreiden.' Eranshahri zou op deze manier invloed hebben uitgeoefend op al-Razi's soortgelijke afwijzing, zoals we zullen zien, van alle godsdiensten. In Bagdad studeerde al-Razi medicijnen. Bagdad was in deze tijd een belangrijk centrum van geleerdheid, en al-Razi had toegang tot bibliotheken en goed uitgeruste ziekenhuizen, waarvan hij er later een zou leiden.
Al-Razi heeft minstens tweehonderd werken op zijn naam staan over een grote verscheidenheid aan onderwerpen, met uitzondering van wiskunde. Zijn grootste medische werk was een enorme encyclopedie, al-Hawi, waar hij vijftien jaar aan werkte, en dat in 1279 in het Latijn werd vertaald. Al-Razi was een doorwrochte empirist, en totaal niet dogmatisch. Dit blijkt uit zijn nog bestaande klinische aantekeningenboek, waarin hij zorgvuldig de vooruitgang van zijn patiënten optekende, evenals hun ziektes en de resultaten van de behandeling. Hij schreef de misschien oudste verhandeling over infectieziektes - pokken en mazelen. Het is gebaseerd op zijn eigen zeer nauwkeurige observaties, waarbij hij geen enkel aspect van de ziektes negeerde dat zou kunnen bijdragen aan de behandeling - hart, ademhaling etc. Hij schreef over een uitgestrekte hoeveelheid aan onderwerpen: huidziekten, dieet, ziektes aan de gewrichten, koorts, giften etc
Al-Razi's benadering van de chemie was al even empirisch. Hij wees alle occulte abracadabra die aan dit onderwerp was verbonden af, en hield zich in plaats hiervan bezig met 'het classificeren van de stoffen en processen zowel als de exacte beschrijving van zijn experimenten'. Hij was misschien de eerste ware scheikundige zoals die wordt gesteld tegenover de alchemie. Al-Razi's algemene filosofische houding was dat geen autoriteit boven de kritiek stond. Hij viel de traditie en autoriteit aan van elk veld waar hij zijn aandacht op richtte. Hoewel hij veel ontzag en bewondering koesterde voor Griekse figuren uit het verleden, zoals Socrates, Plato en Aristoteles, Hippocrates en Galenus, dweepte hij niet met hen.
Hij aarzelt niet om hun filosofische conclusies te wijzigen als hij van mening is dat hij het beter weet, of nog beter om aan de al verzamelde medische kennis toe te voegen wat hij door eigen onderzoek en observatie had ontdekt. Altijd als hij bijvoorbeeld een bepaalde ziekte behandelt, vat hij eerst alles wat hij kan vinden in Griekse en Indiase bronnen samen,... en in de werken van eerdere Arabische artsen. Hij laat nooit na zijn eigen mening en zijn eigen oordeel toe te voegen. Hij is nooit trouw aan autoriteit als zodanig.
terug naar overzicht