Geneeskruiden
gemmo-therapie

  Geneesmiddel uit jonge plantendelen.


De Gemmotherapie ( ook wel : embryo-fytotherapie) is een letterlijke loot aan de wetenschap van de phytotherapie.
Deze vrij recente tak van de kruidentherapie maakt uitsluitend gebruik maakt van de knoppen en jonge scheuten van bomen en struiken. De grondlegger van deze gemmotherapie, Dr. Henry Pol, wees er omstreeks 1970 al op dat het embryonale weefsel van de knoppen en de jonge scheuten eigenlijk op een zeer sterk geconcentreerde manier alle informatie en heilzame eigenschappen van een plant bundelt.
Bij analyse stelt men vast dat knoppen en jonge scheuten uitzonderlijk rijk zijn aan actieve stoffen zoals mineralen en sporenelementen, vitaminen, aminozuren, nucleïnezuren, enzymes en fytohormonale stoffen

Deze therapie is voornamelijk in Frankrijk zeer bekend. Aan het begrip gemmotherapie ligt de latijnse naam "gemma"  ten grondslag. Dit woord betekent knop. Ook de wetenschap dat in het embryonale weefsel de hoogste potentie aan vitaliteit aanwezig is speelt hierbij een rol



Gemmotherapeutica zijn plantaardige geneesmiddelen gemaakt van de knoppen van scheuten en jonge wortels. De gedachte hierachter is dat deze jonge plantendelen rijk zijn aan groeistoffen, zoals plantaardige hormonen. De preparaten worden afgeleverd in verdunning D1 (volgens homeopathische verdunningssysteem). 
Gemmotherapeutica hebben een stimulerende werking op bepaalde organen zoals milt en lever en worden vooral ingezet bij een verzwakte afweer. De middelen worden vaak in combinatie met homeopathie gebruikt, maar soms ook als zelfstandig middel. Bekende preparaten zijn Betula pubescens (zachte berk) en Ribes nigrum (zwarte bes)
Basis van de geneesmiddelenbereiding is de  Parmacopée francaise 1965
Wat is gemmotherapie?
'Gemmo' is afgeleid van het Latijnse woord gemma, wat knop betekent. Bij gemmotherapie gaat men er van uit dat de knoppen, toppen, kiemen en jonge loten van bomen en struiken al alle kracht en energie van de volwassen plant bevatten. Het hele 'genie' van een kruid ligt dus als het ware in de knop besloten. Deze ontluikende knoppen bezitten niet alleen meer nucleïnezuren (genetische informatie) dan de andere weefsels van de plant, maar ook meer plantaardige groeihormonen, vitaminen, spoorelementen, mineralen, en vooral meer sap dat door de boom wordt voortgebracht. Er zit dus een overweldigende levenskracht in één zo'n knop, en door precies dat te isoleren in één extract, worden de geneeskrachtige kwaliteiten van een bepaalde plant heel uitgesproken en dus heel effectief om een bepaalde kwaal te lijf te gaan.

Hoe worden gemmotherapieproducten gemaakt?
De bereiding

De knoppen, scheuten en kiemen ('gemmo's') worden geweekt ('gemacereerd') in een mengsel van glycerine, alcohol en water, waarbij een specifieke verhouding wordt gerespecteerd. Meestal worden de knoppen dan ook geoogst in de lente, op het moment dat ze zich op het hoogtepunt van hun natuurlijke groeicyclus bevinden. Doorgaans worden die knoppen gebruikt die op het punt van openbarsten staan, maar ook jonge loten, de schors, de twijgen en de zaden kunnen dienen.

(De bereiding van de preparaten, waarbij er gedurende minimaal drie weken extracten op basis van een mengsel van glycerine en alcohol bereid worden, verloopt volgens de Franse farmacopee (1965). De gewichtsverhouding tussen het plantmateriaal en het extractiemiddel is 1 op 20. Embryonaal plantenweefsel bevat vele actieve ingrediënten, zoals planthormonen; organische stoffen die zich binden aan een receptor (meestal een proteïne). 
Na de extractieperiode wordt het plantmateriaal onder hoge druk uitgeperst en vervolgens gefiltreerd. Het zogenaamde glycerinemaceraat geeft een zo volledig mogelijk extract  van de specifieke en complexe samenstelling van de gebruikte jonge plantendelen. De zo verkregen oplossing kan pas op de juiste manier worden toegepast nadat het 1 op 10 verdund is in een mengsel van water (20), alcohol (30) en glycerol (50). Volgens Tetau staat deze verdunning garant voor een maximale en constante effectiviteit. Deze bereidingswijze is namelijk noodzakelijk om de specifieke eigenschappen van de unieke groeistoffen te kunnen behouden. Het alcoholglycerinemengsel functioneert als drager waardoor de waardevolle groeistoffen van de plant via een transformatieproces in het mengsel overgaan. Alleen zo kunnen zij door de verschillende orgaanstelsels worden opgenomen (absorptieproces), omgezet (metabolisme) en uitgescheiden (eliminati)

Wat doet gemmotherapie precies met jouw lichaam?
Gemmotherapie werkt op twee fronten. In eerste instantie is het gericht op drainage - dat wil zeggen: op het verwijderen van gifstoffen uit het lichaam. De drainage kan breed worden gezien: de giftstoffen kunnen worden uitgescheiden via de uitscheidingsorganen (zoals de nieren, lever, darmen, longen, huid), maar ook via transportsystemen zoals het bloed- en lymfesysteem. Daarnaast werkt gemmotherapie op de opbouw en het stimuleren van specifieke organen of orgaansystemen, die door omstandigheden verzwakt of beschadigd zijn.

Hoe weet ik welk extract ik moet gebruiken?
De meeste gemmotherapeutica bezitten een bijzondere verwantschap met een bepaald orgaan of orgaansysteem. Zo werkt Rosmarinus officinalis 1 D stimulerend op de levercellen, Ficus carica op de maag, Ribes nigrum op de bijnieren. Een aantal middelen zoals de zwarte bes (Ribes signum) en de zilverlinde (Tilia tomentosa) hebben een hele specifieke werking op bijvoorbeeld het afweersysteem. Gemmotherapie kan als een afzonderlijke therapie toegepast worden, maar de kracht van deze therapie is dat de arts of therapeut een ondersteunend wapen heeft in de strijd tegen vooral chronische ziekten. Andere gemmotherapeutica hebben zeer karakteristieke eigenschappen, zoals ontstekingsremmende of weerstandsverhogende werkingen.

Bestaan er verschillende vormen gemmotherapie?
Als je gemmotherapie gebruikt, kan je dat in twee vormen doen:
* Met het 'moedermaceraat' van knoppen en jonge scheuten van één plant of één kruid. Bijvoorbeeld: een maceraat van zwarte bes, één van de best werkende gemmotherapieextracten, een krachtig tonicum dat een gunstige invloed heeft op alle fysiologische stelsels van het lichaam. Het biedt een goede ondersteuning bij allergische reacties, hoofdpijnen van allergische oorsprong, netelroos, eczeem, hooikoorts en leveraandoeningen. Het stimuleert de bijnieren, de nieren, de pancreas en de lever. Het heeft een gunstige invloed op het ademhalingsstelsel en helpt bij vermoeidheid omdat het de endocriene klieren stimuleert en slaperigheid tegengaat.


* Met 'complexen' die bestaan uit samenstellingen van verschillende soorten knoppen, die worden samengebracht om één specifieke kwaal te lijf te gaan. Bijvoorbeeld: een 'anticholesterolcomplex', dat de goede cholesterol stabiliseert, de slechte cholesterol vermindert, en het evenwicht in het vetmetabolisme herstelt. Zo'n complex bestaat uit extracten van de olijfboom, rozemarijn en de amandelboom (die ertoe bijdragen om de vetten aanwezig in onze aders af te voeren), de berk en de linde (die helpen bij het elimineren van afvalstoffen in het lichaam), pepermunt (dat de spijsvertering activeert) en ceder en rozemarijn (die de bloeddoorstroming ondersteunen). Zo bestaan er ook complexen die je helpen beter in te slapen en van een frissere slaap te genieten, om rustig te worden of te blijven,... Nog een tip om de komende feestdagen heelhuids door te komen: er bestaat ook een 'zuiverend complex' dat niet alleen de lever draineert en zuivert van opgestapeld afval en toxische stoffen, maar ook effectief strijdt tegen de nevenverschijnselen van alcohol.

Unitaire maceraten en complexen mogen ook gerust samen gebruikt worden. Zwarte bes bijvoorbeeld wordt vaak gebruikt samen met een complex (bijvoorbeeld antiallergie) om het gebruik ervan te versterken.

Hoeveel moet ik er van gebruiken?
Dat hangt uiteraard af van product tot product en van aandoening tot aandoening, maar de gebruikelijke dosering is tien à twintig druppels per dag, best een halfuur tot een uur voor de maaltijd, hetzij puur, hetzij in een beetje water. Bij acute aandoeningen (zoals hooikoorts of allergische reacties) kan de arts of therapeut de dagdosering tijdelijk verdubbelen tot er verbetering van de klachten optreedt. Daarna moet je weer terugschakelen naar de adviesdosering. Aangezien kinderen meestal snel en goed op gemmotherapeutica reageren, is een verhoging van de adviesdosering bij hen meestal niet noodzakelijk.

Zijn er ook bijwerkingen?
Omdat gemmotherapeutica de normale functies van organen of orgaansystemen stimuleren, treden er maar heel zelden bijwerkingen op. Gebeurt dat toch, dan komt dit meestal omdat de dagdosering te hoog is. De arts of therapeut kan de patiënt adviseren het middel gedurende twee dagen niet in te nemen en daarna over te schakelen op de gehalveerde dagdosering.

Hoe lang moet ik de gemmoproducten gebruiken?
Bij heel acute aandoeningen is er meestal sprake van een snelle, positieve reactie op gemmotherapeutica. Als er binnen enkele dagen geen verbetering van de klachten optreedt, dan kan de behandelaar de dosering verhogen. Chronische aandoeningen vragen vaak meer tijd en geduld voor er verbetering merkbaar is. Bij chronische ziektebeelden is het aan te raden het middel minimaal drie tot vier weken te gebruiken alvorens de dosering te verhogen. Ideaal is elk gebruik te laten voorafgaan door een berkensapkuur als de acuutheid van de klacht het toelaat.

Voor wie?
Voor iedereen die op een natuurlijke manier een kwaal te lijf wil gaan. Vooral aandoeningen en kwalen die verband houden met weerstand en energietekort, het beender- en spiergestel, de bloedsomloop, de afvoer van toxische stoffen en het vetmetabolisme, de huid en de ademhalingswegen kunnen aangepakt worden.

Voor wie niet?
Als je zwanger bent of borstvoeding geeft, gebruik je best geen preparaten
met een drainerend en hormoonregulerend effect. Ook als je antistollingsmiddelen moet nemen, is het best eerst contact op te nemen met je arts.

terug naar overzicht      terug naar startpagina